Het is een koude, regenachtige donderdag als ik onze straat weer in rijd. Even denk ik dat ik heel zacht je stem hoor als ik thuis de lichten aandoe, maar het enige geluid komt van de radio en de tv. Ik kan het gewoon niet helpen dat jouw geest nog steeds rondspookt in mijn hoofd. Als een overblijfsel uit een vorig leven, een leven dat al lang voorbij is
Ik weet niet eens meer waarom het mis gegaan is tussen ons. Was het nou omdat we niets meer in elkaar zagen, of omdat we te trots waren om onze fouten toe te geven? Misschien was het wel gewoon toeval dat we op elkaar uitgekeken raakten. Volgens jou was het mijn ego die onze relatie in de weg zat. Nou, dat ego ben ik inmiddels al lang kwijt, maar daar heb ik jou helaas niet mee terug gekregen.
Ik liep haar vandaag zomaar tegen het lijf, op één of ander feest. Daar stond ze, met een glas wijn in haar hand. Ze leek me wel wat, maar net toen ik een gesprek wilde aanknopen merkte ik dat ze op iemand stond te wachten. Je weet wel, op zo’n nietsnut van een vent waar ze blijkbaar helemaal weg van was.
Later ging ik naar een apotheek in de hipste wijk van Londen. Ik had wat dingen nodig voor een vriend, dus ik sloot netjes aan in de rij voor de toonbank. Precies op dat moment werd ik op m’n rug getikt door Mister Jimmy, misschien wel de bekendste zwerver in de buurt. Af en toe maakt hij een praatje met de buurtbewoners. Hij zag er niet al te best uit. Ik had een beetje met hem te doen, dus ik nam hem mee om samen iets te gaan drinken.
Het loopt tegen middernacht en het lijkt of er wat in de lucht hangt. Iets onheilspellends, dat ook nog eens wordt versterkt door een schim die in het flauwe licht van de maan te zien is. Je hart slaat een paar slagen over. Schreeuwen lukt niet meer, het lijkt net of je keel wordt dichtgeknepen. Je durft geen stap meer te zetten. Is dit echt, of beeld je je maar wat in?
Ergens in de verte wordt een deur hard dichtgeslagen. Nu is het te laat om nog te vluchten. Het lijkt alsof je een koude hand op je schouders voelt. Je doet je ogen dicht en je hoopt dat het allemaal maar verbeelding is. Dat zal het waarschijnlijk ook wel zijn, maar ondertussen hoor je toch écht één of ander eng beest naar je toe kruipen…
Ken je dat gevoel? Je bent op zoek naar een leuke vrouw of man, maar op de één of andere manier is het net of alle vrijgezellen de stad hebben verlaten. Zouden ze massaal op het vliegtuig zijn gestapt en weggevlogen zijn? Tja, de mooiste vrouwen zijn nou eenmaal vaak al lang getrouwd en van veel vrouwen heb ik gehoord dat de knapste mannen meestal homoseksueel zijn. Ik word er niet bepaald vrolijk van.
Je gaat je in zo’n situatie toch afvragen of het door jezelf komt dat je nog single bent. Ligt het aan je lengte, aan je gebrek aan gevoel voor humor of toch aan die wallen onder je ogen? Ben je misschien iets te dik, of gedraag je je minder volwassen dan je eigenlijk bent?
Diep van binnen voel ik een enorme woede. Het is net of er een vlam in me brandt die steeds heviger wordt en langzaam maar zeker het kookpunt bereikt. Die woede brengt een duistere kant van me naar boven. In gedachten zie ik een heel helder beeld van je. Het maakt me nog bozer en het liefste zou ik je iets vreselijks aan willen doen.
Ik verscheur je en jij zult lijdzaam moeten toezien hoe ik je in stukken achterlaat. Onderschat me niet wat dat betreft!
Het is midden in de nacht en ik voel langzaam de krachten uit mijn lichaam verdwijnen.
Maar er is nu geen tijd om te slapen. Ik moet dóór, want ik ben op de vlucht. Ik ben op weg naar mijn vrijheid en daarom moet ik doorrijden, op zoek naar het geluk. Ik heb nog een lange weg te gaan voordat ik bij mijn doel ben: de grens van Mexico. Pas als ik daar voorbij ben kunnen ze me niet meer pakken.
Heb je dat verhaal van die oude man laatst gehoord? Op z’n 98e won hij eindelijk de loterij, maar de volgende ochtend lag hij dood in zijn bed. Het is bijna hetzelfde als een dikke bromvlieg, die je glas wijn in vliegt net voordat je een slok wilt nemen. Of als je op de elektrische stoel toch nog gratie krijgt, maar dan wel 2 minuten te laat..
Vroeger waren de verschillen tussen mannen en vrouwen tenminste duidelijk. Je had als het ware twee kampen die je makkelijk uit elkaar kon houden. Meisjes droegen roze en jongetjes blauw. Dat was wel zo vertrouwd. Maar dat is inmiddels allemaal anders. Waar staat een man nog voor tegenwoordig? Is hij ruw en lomp, of moet hij juist zacht en beschaafd zijn? Er is veel veranderd en er zal in de toekomst nog veel meer veranderen.
Het begon zo goed met ons. Iedereen zei dat wij het perfecte stel waren. Ik geloofde dat ook, want ik genoot met volle teugen van jouw liefde en van jouw leven. Maar ach, na de liefde kwamen de tranen. Al die jaren waarin ik zoveel om je had gegeven bleken niets anders dan vergeefse moeite te zijn geweest. “Ik hou van je tot in eeuwigheid”, hadden we elkaar ooit beloofd, maar dat is nu niet veel meer gebleken dan een leugen.
Ik heb me voorgenomen om schoon schip te maken. Straks begin ik met een schone lei, als ik alle nare herinneringen aan jou heb uitgewist. Soms droom ik er van om met iemand anders een nieuw leven op te bouwen, maar zover is het voorlopig nog niet.
Ik ken een meisje dat zorgt voor kleur in mijn leven. Maar ze is ook enorm wispelturig en soms begrijp ik niets van haar. Ik vergelijk haar wel eens met een doolhof, waar je oneindig in kunt verdwalen en waar de muren elke dag weer op een andere plaats staan. Ik heb er alles aan gedaan om haar te laten merken hoeveel ik van haar houd, maar het is me nog niet gelukt echt tot haar door te dringen.
Nu begin ik pas in te zien dat het misschien helemaal niets met mij te maken heeft. Zo zijn dochters nou eenmaal op die leeftijd. Toen ze van huis wegliep was ze net zo boos en verdrietig als op de dag dat haar vriend er met een ander vandoor ging. En zij kon de rommel opruimen die hij had veroorzaakt.